Deltavorming

Een delta ontstaat wanneer een rivier uitmondt in ander langzaam stromend of stilstaand water. Dit is vaak een zee, maar kan ook een groot meer zijn. Tijdens de stroom van een rivier vanuit de bergen naar lager gelegen gebied, worden kiezels, zand en slib meegenomen. Hoe harder een rivier stroomt, hoe groter de korrelgrote van het sediment dat wordt meegenomen. Stroomt een rivier heel snel, dan worden grote kiezels en soms zelfs stenen meegesleurd. Stroomt een rivier langzaam, dan worden alleen kleine deeltjes meegenomen, zoals slib. Hoe dichter een rivier bij de zee komt, hoe langzamer de rivier meestal gaat stromen. De grotere kiezels en stenen zijn eerder al neergedaald, maar de kleine deeltjes dwarrelen vaak pas helemaal aan het eind van de rivier weer naar beneden op de bodem. Deze deeltjes hopen zich op bij de riviermonding, tot de stroom water er niet meer overheen kan, maar er om heen moet stromen. Hierdoor krijg je op den duur heel veel vertakkingen van de rivier, met allemaal stukjes land ertussen. Dit heet een Delta.

deltavormingen seybold et al 2007
De vorming van een delta (Seybold et al. 2007)

Een delta waar je waarschijnlijk wel eens wat van hebt gehoord is de Rijndelta, de kans is groot dat je er namelijk zelf in woont! Deze delta is gevormd door de rivier de Rijn (dat had je niet verwacht hè), De Rijn komt vanuit de Zwitserse Alpen door Duitsland Nederland binnen en vertakt zich hier onder andere in de Maas, de Waal en de IJssel. Vroeger eindigde de IJssel bij Gelderland in de Zuiderzee, deze binnenzee was natuurlijk zout. De Waal en de Maas stroomden via vele zijrivieren en riviertjes vanuit Zuid-Holland en Zeeland de Noordzee in. Tegenwoordig heeft de mens dit gebied flink aangepast; veel kronkelende rivieren zijn gestroomlijnd en de Zuiderzee bestaat nu uit het IJsselmeer en Markermeer.

NL delta ESA
De Zeeuwse kust, een stuk Nederlandse delta. (ESA, 2006)

Neem dat maar met een korreltje zand
Sediment is een verzamelnaam voor eigenlijk al het losse natuurlijk materiaal op de wereld. Zoals zand, keien, grind, modder, klei, houtsnippers en ga zo maar door. Zolang het maar op de bodem ligt. Sediment wordt vaak ingedeeld op basis van korrelgrootte; het grootste zijn keien en stenen, gevolgd door kiezels, grind en zand. Het kleinste zijn klei en slib. Een andere manier om sediment op te delen is om te kijken naar de hoeveelheid organisch materiaal(materiaal dat ooit van een levend iets is geweest). Zo is de modder in een bosriviertje waarschijnlijk voor een groot deel organisch, terwijl het sediment in een snelstromende bergbeek vooral niet-organisch.

Advertenties